Roze pronkridder

Marian Hulscher-Emeis stuurde deze 'bewijsfoto's' van de Roze pronkridder (Calocybe carnea) op 6 september. Ze vond deze langs/op het pad aan de zuidzijde van visvijver Sassenheim waar, zegt ze, nogal eens gerommeld wordt. Vorig jaar lag het er nog bedekt met houtsnippers, maar dit jaar was daar vrijwel niets meer van over. Dat is een bekend euvel wanneer het niet om speciaal bewerkte houtsnippers gaat. Het laat wel een verrijkt milieu achter, maar qua voorkomen staat deze (normaliter) fraaie verschijning daar niet echt om bekend. Mooie afbeeldingen kun je zien in De grote Paddenstoelengids voor onderweg van Ewald Gerhardt (pag. 143) en in onze eigen Veldgids Paddenstoelen in Noordenveld (pag. 181). Daar valt ook te lezen dat eens in het centrum van Roden (Zuiderveld) een gazonnetje ermee vol stond. Het jaar erna werd hij er daarom wel weer verwacht, maar hij heeft zich hier nimmer meer vertoond.

Nagekomen foto's van Geert de Vries

Kleinsporige grauwkop?

Gewone hertenzwam

Het Buiner bosje

Omdat Geert vanwege een trip naar Polen nogal haast had zijn de foto's die hij op 1 oktober op het Buinerveld maakte niet op tijd aangekomen, maar ze zijn te mooi om ze niet te showen. Over deze vermeende Kleinsporige grauwkop (Lyophyllum mephiticum) hebben we het in het verslag van die excursie al opgemerkt dat hij aflopende plaatjes heeft en dat hoort eigenlijk niet zo te zijn.

 

Bij de Gewone hertenzwam (Pluteus cervinus) werd gezegd dat het waarschijnlijk de Naaldhouthertenzwam (P. pouzarianus) zou zijn, maar microscopisch werd dat weerlegd. Er is nog een belangrijk veldkenmerk waar je wat aan hebt. De Gewone hertenzwam heeft een kenmerkende aardappelgeur en die heeft de Naaldhouthertenzwam niet.

 

Geert stuurde, naast enkele andere, ook nog de foto die je hiernaast ziet afgebeeld. Maar daarbij is de vraag welke soort is dit? In het veld heb ik daarover niets van meegekregen en dus luidt de opdracht hier: "Wie het weet mag het zeggen".

 

 

Een reus van een Prachtvlamhoed

Inge (van Veen, maar sinds kort Inge Snip) uit Veele kwam deze reus onderweg tegen en vond het absoluut de moeite waard om er (terecht) een foto van te maken. De maat ervan had ze niet genomen, maar wanneer je op de breedte van haar hand afgaat zal de diameter van de hoed wellicht in de buurt komen van een halve meter. Wie gaat hier overheen? Overigens kom je ze wel meer in wegbermen tegen waar geen bomen groeien. Het zijn de houtresten (wortels) waarop ze dan groeien. Ook zie je ze wel op de stam van levende bomen, maar dan is er dood hout op aanwezig. Een echte saprotrofe soort dus.

Foto's met een verhaal

Je komt het wel meer tegen: Schimmels (zwammen) die bedekt zijn met schimmels. Voorbeelden zijn er te over en dan heb je het over zwameters, zwamgasten en ook de Parasietbeurszwam (Volvariella surrecta) is er één van. Dat zijn alle ook echte zwammen.

Deze knopschimmel (Spinellus fusiger (Mycenaparasiet)) behoort tot het lagere echelon (kleiner dan 1 mm) die je niet al te vaak tegenkomt, tenzij je er oog voor hebt. In de Veldgids Padenstoelen in Noordenveld zie je op pag. 167 een Kleine bloedsteelmycena (Mycena sanguinolenta) die ermee is bedekt. Deze foto is gemaakt door Arjan Boer.

Trippen

Rob Chrispijn heeft in zijn boek Paddenstoelengeluk in het hoofdstuk 'Godenspijs of duivelsbrood' een 'vermakelijk' stukje geschreven over trippaddenstoelen. Je zou kunnen stellen dat het een boodschap inhield, namelijk over inhaligheid. Rob schrijft namelijk over het Puntig kaalkopje (Psilocybe semilanceata), hier op een foto van Arjan Boer, dat hij eens in november in een schapenweitje duizenden exemplaren tegenkwam. Mooi voor eigen gebruik en om weg te geven. Eigenlijk had hij aan een paar handenvol genoeg, maar door hebzucht gedreven werden zakken vol verzameld. Daar was echter geen plek voor en daarom werden ze bij een buurvrouw in de vriezer in bewaring gegeven Echter, door ze te bevriezen ging de psychedelische werking (en oogst) verloren... De humor kon ervan worden ingezien.

Zeldzaamheden in De Kleibosch

Bij een bezoek aan De Kleibosch (Foxwolde) is een bezoek aan de vermaarde eikenlaan een must. Dit jaar heeft het weinig opgeleverd, maar soms tref je er toch nog wel een paar bijzondere soorten. Eén ervan was de Stekelkopamaniet (Amanita solitaria) die ik (Cees K.) er al eens meende te hebben gezien. Het is een zeldzame soort, mooi om op je lijstje te mogen bijschrijven.

Dat geldt ook voor de Geringde vaalhoed (Hebeloma radicosum), zij het dat die hier al eens eerder werd waargenomen en ook in het Natuurschoonbos. Er is enige twijfel of het wel een mycorrhizasoort is (waarschijnlijk wel), omdat hij een penwortel heeft die vaak verbonden is met latrines van muizen en mollen en met wespennesten om daar extra voedsel te vergaren. Een fraai staaltje van ecologie!